Duifhuis Sint-Truiden
Duifhuis Sint-Truiden - #10

Bouwperiode: 17e eeuw | Afkomstig van: Sint-Truiden | Naar Bokrijk gekomen in: 1971 | locatie in het museum: Haspengouw

Het gebouw en zijn verleden

Deze vierkantshoeve is deels in baksteen, deels in vakwerk opgetrokken. Het imposante complex omvat een woongedeelte met stenen woontoren (1663), een paarden- en koestal, twee schuren in vakwerk, varkensstallen en een bakhuis. De naam duifhuis verwijst naar het vroegere recht dat de bewoners genoten om duiven te houden. Boven in de toren bevinden zich de vlieggaten van de duiventil.

Allemaal beestjes

Hoeveel dieren woonden er op deze boerderij? Er waren minstens 1 os, 1 stier en 20 (melk)koeien met hun kalfjes. Er waren ook tot 6 Brabantse boerenpaarden, een tweetal veulens, meerdere varkens en biggen, … Om zoveel dieren te houden, moest je heel wat grond ter beschikking hebben: weiden om ze te laten grazen en akkers met voedergewassen, zoals haver.

Een vierkant vol bedrijvigheid

Deze hoeve ziet er imposant uit. Het is een typisch Haspengouwse hoeve uit baksteen en vakwerk, met een stenen woontoren, een paarden- en koeienstal en grote schuren. De vakwerkconstructie van de grote graanschuur is bijzonder: hij is niet gevuld met vitselwerk en leem, maar met bakstenen. Zo waren er minder reparaties nodig. Het vierkant dat de gebouwen samen vormen, is niet volledig gesloten. Het gonsde hier van de bedrijvigheid, met soms tientallen seizoenarbeiders. Er werden dieren gehouden en suikerbieten, graan en fruit geteeld. De fruitbomen waren hoogstammen. Het fruit moest met de ladder geplukt worden.

Een kostbaar paard

In de paardenstal van deze boerderij konden 6 paarden staan. In de stal was een bed voorzien. Als een merrie moest bevallen, werd ze apart gezet en sliep de boer of een knecht mee in de stal. Ook bij ziekte hield de boer graag een oogje in het zeil. Een paard was namelijk een kostbaar en nuttig dier.