Skip to main content
ontspanning met bier

Bier en ontspanning

Ook vroeger was er tijd voor ontspanning.

Bier en ontspanning

Ook vroeger was er tijd voor ontspanning. Hoewel plattelandsmensen in de 17de en 18de eeuw vaak lang en hard moesten werken, bestond hun leven niet enkel uit hard labeur. Een groot deel van hun vrije tijd had de plattelandsbevolking in het verleden te danken aan de kerkelijke agenda, al nam het aantal kerkelijke feestdagen in die periode stelselmatig af. Daarenboven was vrije tijd op het platteland sterk afhankelijk van het seizoen en van iemands economische situatie.

Bier en vooral herbergbezoek speelden een belangrijke rol in het sociale dorpsleven tijdens het ancien régime.

Herberg

De dorpsherberg

Zowat elk dorp had vroeger minstens één herberg, vaak meerdere. Op het platteland stonden gewoonlijk één of enkele herbergen in de nabijheid van de parochiekerk. In de 18de eeuw deed de toenemende koopkracht het aantal herbergen stijgen, tot ongeveer één per 100 inwoners. De gestegen welvaart deed ook het drankverbruik in die herbergen hoog oplopen.

Herbergen zagen er vaak uit als gewone huizen en waren vooral herkenbaar door een uithangbord. Ze hadden meestal ook een karakteristieke naam, vaak dierennamen zoals ‘de Zwaan’ of ‘Den Dolfijn’.

ontspanning met bier

Wat drink je en wat kost dat?

De herbergen schonken in de 18de eeuw vooral bier en brandewijn. Graanjenever was in die periode een nieuwigheid. Herbergiers boden ook wel wijn aan, maar dat was duurder, en dat prijsverschil zorgde ervoor dat gewone mensen weinig wijn dronken. Ook bier was niet altijd goedkoop. In de 18de eeuw kon een goed verdienende metselaar uit Lier zich met een dagloon ongeveer 10 liter degelijk bier aanschaffen. Voor iemand met een lager loon, zoals een metselaarsknecht, lag dat rond de 5 liter. Uiteraard waren er ook goedkopere bieren van lagere kwaliteit.

Op cafe

Wie ging er op café?

Heel wat schilderijen met herbergtaferelen tonen een gemengd publiek van vrouwen, mannen en kinderen, van rijk en arm. Vanaf de 16de eeuw begon de hogere klasse zich terug te trekken uit het herbergleven. Dat kreeg steeds meer de connotatie een ontspanningsvorm te zijn voor de lagere standen. Omdat vooral de burgerlijke elite herbergen meed, speelde dat fenomeen in de landelijke dorpen minder een rol. Daar was immers minder elite aanwezig.

Voor pastoors was herbergbezoek verboden, net zoals dobbelen en kaarten, roken en jagen. Veel dorpspastoors gaven geen gehoor aan die regels en kwamen toch naar de herberg. Ook vrouwen vonden de weg, als klant én als uitbaatster. Ze werkten er als waardin of waren gewoon bezoeker. Zelfs kinderen bezochten regelmatig de herberg.

Bier of water?

Het idee dat mensen vroeger bier dronken omdat ze dat gezonder achtten dan water, dat met ziektekiemen besmet zou zijn, is een misvatting over het verleden. Mensen achtten vroeger bier niet gezonder dan water en dronken ook veel water.

Mensen dronken enerzijds bier omdat het een grote voedingswaarde had en energie gaf. Dat was een voordeel bij het zware fysieke werk dat ze meestal moesten verrichten. Anderzijds dronken mensen bier om dezelfde reden als vandaag: ontspanning.

Meer lezen?

In het onderzoeksrapport van Geheugen Collectief vind je meer informatie over bierconsumptie, de herberg,  ontspanning en vrije tijd in het verleden.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief